1. Muziek in de kerk, door de geschiedenis heen

1.1 Muziek in de kerk in de eerste eeuwen

Het doel dat God aan de muziek geschonken heeft is duidelijk: het dient om Hem te loven en te prijzen en dat doel mogen we bij alle overdenkingen niet uit het oog verliezen. Wordt God geprezen door de muziek die ik maak? Maar ook: wordt God verhoogd door de muziek waar ik naar luister?

Mede daardoor zijn de kerkvaders van weleer aanvankelijk heel voorzichtig geweest om muziek in de gemeente toe te laten, dwz in de erediensten. Muziek is immers niet neutraal. Het was van oorsprong goed, omdat God het geschapen had, maar door de zondeval verloor het dat goede karakter. Muziek op zich is niet verkeerd maar het is ten goede en ten kwade te gebruiken. Ambrosius was de eerste kerkvader die zang in de kerk toestond. Het waren sobere liederen, waarschijnlijk in de stijl van de Gregoriaanse gezangen.

Augustinus, de oude kerkvader en tijdgenoot van Ambrosius, zei het volgende: "Het gevaar bestaat dat mooie muziek gewijde woorden gaat verdringen en dan wordt het vleselijke lust".(1) In gewoon Nederlands: de muziek wordt belangrijker dan de boodschap. We beluisteren/spelen de muziek alleen nog maar voor ons eigen plezier en niet meer om God te eren. Als gevolg van deze bezorgdheid had de muziek een erg bescheiden plaats in het toenmalige christendom, hoewel Augustinus grote waardering voor muziek had en zei dat "er voor de mens niets beters is dan om psalmen te zingen, opdat we niet van de smalle weg zouden afdwalen. Iemand die psalmen zingt, kan niet tegelijkertijd zondigen."(2)

Muziek verdringen uit de kerkdienst is echter niet onomstreden. De Bijbel zegt "Leert en vermaant elkander met psalmen en lofzangen, en geestelijke liederen..." (Kol. 3:16). Er is dus wel degelijk plaats in de gemeente voor muziek. Maar niet voor muziek vanwege de muziek, maar met het specifieke doel om elkaar op te bouwen. En niet elke muziek is daarvoor geschikt. Wat is echter goede muziek? Goede muziek komt van de Heilige Geest en eert God.

1.2 Muziek in de tijd van de hervormers

Goede muziek bouwt op, leert, vermaant, brengt hoop. Johannes Calvijn zegt "goede muziek voldoet aan helderheid, maat, zuiverheid en verhevenheid."(3) Calvijn maakte de muziek dan ook ondergeschikt aan de woorden. Ingetogen muziek die de woorden draagt en op de voorgrond zet. Er was dus geen plaats voor snerpende gitaren en donderende drums in zijn visie. "Altijd is er het gevaar dat er iets van verderf binnensluipt dat de zuivere eredienst aan God schaadt."(4) Luther, die de bijnaam 'nachtegaal van Wittenberg' droeg was iets minder ingetogen. "Godvrezende mensen komen niet naar de kerk om daar te blaten en te murmelen, maar om er te bidden en te denken. Willen jullie brommen, knorren en morren, dan ga je maar naar de koeien en de varkens;

die zullen jullie wel antwoorden." (5)
Luther wilde dat er van ganser harte gezongen werd. En hij maakte daarbij ook gebruik van melodieën voor zijn gezangen die in die tijd 'in de wereld' gangbaar waren, bijv. voor 'Een vaste burcht is onze God'. Tevens zou Luther gezegd hebben "Waarom zou alleen de duivel goede muziek hebben", een argument wat nu de gospelrockartiesten en hun fans gebruiken. Maar Luther zei er nog iets achteraan. "Als daardoor de heidenen tot bekering zouden komen, dan zou ik alle klokken laten luiden en alles wat kabaal kan maken, kabaal laten maken". Die uitspraak wordt vandaag nog gebruikt als vrijbrief voor gospelrock, en zelfs gospel hardrock en heavy metal. Alleen de voorwaarde 'als de heidenen daardoor tot bekering zouden komen...' wordt daarbij helaas vergeten.

Muziek tot Gods eer, zoals we dat in de Psalmen zien, komt uit een hart dat een innige wandel met God kent. Het zijn geen vrome, holle woorden die door hun vrome betekenis een onheilig kabaal zouden moeten rechtvaardigen. Charles Wesley, staande midden in de grote opwekking in Engeland, schreef gezangen als 'Voorwaarts christenstrijders' in de tijd dat er grote vervolging was en ze bij hun predikingen in het open veld vaak met geweld gestoord werden. Zijn werk bemoedigde Gods kinderen om pal te staan, tegen alle verdrukking in. Toen de sobere, nederige Paulus zweepslagen ontvangen had en geketend de nacht in een gevangenis doorbracht, zong hij God psalmen. Recht uit zijn hart en het bracht 'de arm Gods' in beweging en de muren van zijn gevangenis scheurden en vielen om. Helaas brengt veel van de huidige gospelrock en -house slechts scheuren in onze trommelvliezen teweeg.

1.3 Muziek in de kerk vandaag

Paulus in een disco in een leren broek, met een zonnebril op, een halve pot gel in zijn haar, enz. kunnen we ons niet voorstellen. En dat geeft aan dat we deze muziek ook niet kunnen goedpraten onder het excuus dat de tijden veranderd zijn. Augustinus waardeerde muziek maar waarschuwde dat de muziek niet boven de woorden mocht staan.
Calvijn gaf aan dat muziek ethisch gezien 'rein en welluidend moest zijn' en het Woord moest benadrukken en Luther wees erop dat we niet binnensmonds of zacht moesten zingen, maar God uit volle borst moeten loven, zodat anderen tot bekering zouden komen. Geen van hen verloor het doel van muziek uit het oog: muziek is er niet voor de muziek en het plezier, maar om God te eren en mensen (dichter) bij Hem te brengen.

Muziek in de kerk vandaag is echter een strijdpunt. Sommige kerken zingen Psalmen op hele noten, anderen zingen uit de bundel van Joh. de Heer. Weer anderen zingen Psalmen en gezangen en sommigen zingen uit 'Opwekking'. Toch hoeft dat op zich geen strijdpunt te zijn. Het is geen fundamentele geloofsvraag en de Bijbel zegt daarover: "ieder zij voor zijn eigen besef ten volle overtuigd" (Rom. 14:5b).

naar begin vorige blz. volgende blz.